Ondernemingen, gevestigd in het Vlaamse Gewest, die uitrustingsgoederen ter beschikking stellen aan ondernemingen in bepaalde ontwikkelingslanden, met als doel een verkoop te realiseren, kunnen financieel worden ondersteund door Flanders Investment & Trade (FIT).
Deze maatregel is van toepassing op de ondernemingen, ongeacht hun rechtsvorm, gevestigd in het Vlaamse Gewest, die uitrustingsgoederen produceren en voldoen aan de volgende kmo-definitie:
Bij de toepassing van deze criteria wordt rekening gehouden met eventuele partner- en verbonden ondernemingen van het betrokken bedrijf. Hierdoor zullen gegevens van gelieerde bedrijven opgeteld moeten worden.
De ondernemingen die niet voldoen aan deze criteria komen enkel in aanmerking voor projecten die een uitzonderlijk exportbevorderend karakter hebben en van uitzonderlijk internationaal belang zijn.
Om in aanmerking te komen voor steun moet de onderneming uitrustingsgoederen exporteren zoals bepaald in de OESO-conventie terzake (OCDE/GD(92)95) naar één van volgende landen:
Minst-Ontwikkelde Landen:
Afghanistan, Angola, Bangladesh, Benin, Boetan, Burkina Faso, Burundi, Cambodja, Centraal-Afrikaanse Republiek, Comoren, Democratische Republiek Congo, Djibouti, Eritrea, Ethiopië, Gambië, Guinea, Guinea Bissau, Haïti, Jemen, Kaap-Verdië, Kiribati, Laos, Lesotho, Liberia, Madagaskar, Malawi, Malediven, Mali, Mauritanië, Myanmar (Birma), Mozambique, Nepal, Niger, Oeganda, Ruanda, Samoa, Senegal, Solomon-Eilanden, Sao Tomé & Principe, Sierra Leone, Soedan, Somalië, Tanzania, Timor L'Este, Togo, Yimor-Leste, Tsjaad, Vanuatu, Zambië.
Andere:
Armenië, Belize, Bolivië, China, Congo Republiek, Egypte, El Salvador, Ecuador, Filipijnen, Georgië, Ghana, Guatemala, Guyana, Honduras, Indië, Indonesië, Irak, Ivoorkust, Jordanië, Kameroen, Kenia, Kirgizstan, Kosovo, Marokko, Marshall-Eilanden, Micronesië, Moldovië, Mongolië, Nicaragua, Nigerië, Noord-Korea, Oezbekistan, Pakistan, Papua-Nieuw-Guinea, Paraguay, Sri-Lanka, Swaziland, Syrië, Tadjikistan, Thailand, Tonga, Tunesië, Turkmenistan, Tuvalu, Viëtnam, West Bank en Gaza en Zimbabwe.
Er wordt geen steun verleend aan landen die zich in een oorlogssituatie bevinden of waartegen internationale sancties zijn uitgevaardigd.
Uitrustingsgoederen worden hierbij gedefinieerd als machines of uitrusting met hoge stukwaarde voor gebruik in een fabricageproces, productie, handel of andere kapitaalgoederen.
Deze Vlaamse uitrustingsgoederen mogen in principe niet meer dan 30% goederen van buitenlandse oorsprong bevatten. Dit percentage wordt verhoogd tot 40% indien het uitsluitend goederen met oorsprong uit de Europese Unie betreft.
De uitrustingsgoederen moet de aanvrager rechtstreeks aan de eindgebruiker leveren.
Voor de levering van militaire goederen, schepen, vliegtuigen, kernenergiecentrales en landbouw-producten kan geen steun worden bekomen.
De uitrustingsgoederen worden ter beschikking gesteld via de uitbetaling aan de aanvrager van een subsidie die gebaseerd is op de prijs die aan de koper wordt aangerekend. De aanvrager dient deze subsidie in mindering te brengen van zijn prijs.
Voor de Minst-Ontwikkelde Landen is de steun bepaald op 50% van het contractbedrag. Het contract-bedrag mag niet hoger zijn dan € 495.000.
Voor de levering van uitrustingsgoederen aan de andere landen kan de onderneming een subsidie bekomen van 35% van het contractbedrag van de verkoop van de uitrustingsgoederen. Het contract-bedrag mag in dit geval niet hoger zijn dan € 740.000.
De aanvragers kunnen maximaal twee aanvragen per jaar indienen. Per land kan een onderneming slechts één subsidie bekomen binnen een periode van drie jaar. De steun wordt uitbetaald in twee schijven (75% en 25%).
Het aanvraagformulier en de landenlijst kunt u terugvinden op de website:
www.fitagency.be, doorklikken op "subsidies”.
Aanvragen tot ondersteuning moeten worden ingediend bij:
Christophe | Boone |
T | 02 504 87 86 |