De Europese Unie stelt omvangrijke financiële middelen ter beschikking voor de bevordering van onderzoek-, technologische ontwikkeling- en demonstratieprojecten in diverse domeinen en sectoren.
Het is de bedoeling om door het stimuleren van de grensoverschrijdende samenwerking inzake onderzoek en technologische ontwikkeling (O&O) het concurrentievermogen van de Europese industriële ondernemingen op de wereldmarkt te vergroten. Een andere doelstelling is het bevorderen van de samenwerking tussen industriële ondernemingen, universiteiten en onderzoekscentra.
De steunverlening verloopt hoofdzakelijk via de zogenaamde 'Kaderprogramma's voor Onderzoek, Ontwikkeling en Technologische Demonstratie'. Dit zijn meerjarenprogramma's die de prioriteiten alsook de financiële omvang van diverse actielijnen op middellange termijn aangeven. Zij vormen het beleidsinstrument voor het Europese O&O-beleid. Het Zevende Kaderprogramma, waarvoor een totaal budget is voorzien van 50,521 miljard euro, loopt van 2007 tot 2013.
De voordelen van deelname aan Europese programma's beperken zich niet louter tot financiële steun. Ook de internationale contacten, de waardevolle knowhow, en de toegang tot nieuwe markten die hierbij worden verkregen, zijn zeker niet zonder belang.
Het Europese Kaderprogramma en zijn specifieke programma's staan open voor iedereen (openbare en particuliere instellingen), gevestigd in de 27 lidstaten van de Europese Unie (EU), ongeacht de vorm van de rechtspersoonlijkheid. Dit kunnen dus individuen, industriële en commerciële ondernemingen (inclusief kmo's), universiteiten, onderzoeksinstellingen en organisaties voor technologieverspreiding zijn.
Het Zevende Kaderprogramma is opgebouwd rond vier specifieke programma's: samenwerking, ideeën, mensen en capaciteit, elk met hun eigen thematische onderverdelingen:
Naar aanleiding van een officiële oproep voor een bepaald programma kunnen projectvoorstellen ingediend worden bij de diensten van de Europese Commissie; hierbij dienen bepaalde termijnen in acht te worden genomen. Het ingediende projectvoorstel moet aan de specifieke criteria en modaliteiten voldoen, die voor het betrokken programma zijn vastgesteld, bijvoorbeeld:
Het indienen van projecten moet gebeuren volgens een gedetailleerde procedure, die strikt te volgen is om onontvankelijkheid te vermijden.
De gelanceerde oproepen kunnen geconsulteerd worden via volgende link: http://cordis.europa.eu/fp7/dc/index.cfm
Algemene informatie vindt u op de website van het EU-kaderprogramma, die niet alleen de recentste informatie bevat over de komende oproepen, de lopende projecten, onderzoekspartners en projectresultaten maar ook alle nodige documenten voor het indienen van een projectvoorstel (handleidingen, aanvraagdocumenten, evaluatiehandleiding, en dergelijke).
Voor meer informatie over het Europese Kaderprogramma en begeleiding bij het indienen van een projectvoorstel kunt u ook terecht bij:
Koning Albert II-laan | 35 bus 16 |
1030 | Brussel |
T | 02 432 42 39 |
F | 02 432 43 99 |
Alain | Deleener |