U bent hier

Duurzame technologische ontwikkeling

Laatste revisiedatum 31 jan '12
Bekijk PDFAfdrukken
Wat houdt deze maatregel in

Duurzame technologische ontwikkeling (DTO) is een aanvullende steunregeling t.o.v. andere IWT-steunmaatregelen waarin het geïntegreerd werd, om onderzoek- en ontwikkelingsprojecten gericht op duurzame technologische ontwikkeling te stimuleren. Een project dat aanspraak wenst te maken op DTO-steun, zal in de eerste plaats moeten voldoen aan de basisselectiecriteria voor IWT-steun, met name een voldoende wetenschappelijk- technologische kwaliteit en een voldoende valorisatie-potentieel dienen te worden aangetoond. Indien het project tevens aan bijkomende DTO-voorwaarden voldoet, kan het aanspraak maken op bijkomende steun voor DTO.

Wie komt in aanmerking

Deze maatregel is voor ondernemingen die een O&O bedrijfsproject, een kmo-haalbaarheidsstudie of een kmo-innovatieproject aanvragen bij het IWT.

Wat komt in aanmerking

Projecten waarvan de innovatiedoelstelling (deels) gericht is op duurzame technologische ontwikkeling, kunnen genieten van extra-steunvoordelen in de reeds bestaande steunmaatregelen voor onderzoek en technologische innovatie beheerd door het IWT-Vlaanderen. Een project is gericht op duurzame technologische ontwikkeling als één of meerdere van volgende 7 doelstellingen wordt gerealiseerd:

  • grondstoffenbesparing;
  • energiebesparing;
  • reductie van de emissies;
  • vermindering van afval of andere milieuhinder;
  • ontwikkeling en gebruik van hernieuwbare grondstoffen- en energiebronnen;
  • hergebruik en recycleerbaarheid van grondstoffen (sluiten van de kringloop);
  • verhogen van de levensduur van producten of processen.

Voorwaarden

Om extra steun te krijgen voor projecten met DTO-innovatiedoelstellingen zijn er drie mogelijke motivaties:

  • indien een BBT-studie (Best Beschikbare Technologie) of BREF-studie (Europese BBT-studie) beschikbaar is, is het voldoende om aan te tonen dat het project een verbetering van BBT nastreeft en dat deze doelstelling haalbaar is. Er moet hierbij tevens een voldoende (DTO-) valorisatiepotentieel aanwezig zijn;
  • indien geen BBT-studie beschikbaar is, kan met de ecopuntenmethode worden uitgerekend hoeveel milieukosten dankzij de nieuwe technologie vermeden zouden worden op 10 jaar tijd (t.o.v. de referentie). Indien deze vermeden kosten een factor 4 hoger zijn dan de subsidie, kent IWT-Vlaanderen de extra DTO-steun ook toe;
  • indien uitzonderlijk de voorgaande methodes ontoereikend zijn, kunnen ook andere gekwantificeerde argumentaties aanvaard worden. Wanneer bijvoorbeeld kan aangetoond worden dat het project opgesteld werd om aan toekomstige strengere milieunormen te voldoen, is dit eveneens aanvaardbaar als argumentatie. Hierbij is dan wel een significante technologische sprong vereist en de normen moeten van toepassing worden na afloop van het project. Ook in dit geval moet het valorisatiepotentieel voldoende hoog zijn, waardoor de geclaimde milieuvoordelen ook in absolute termen voldoende groot uitvallen.

Voor kmo-innovatiestudies is het, gezien de relatief beperkte budgettaire impact van de extra DTO-steun, voldoende dat de DTO-innovatiedoelstellingen naar behoren aangepakt worden. Een beperkte a-priori motivering van de mogelijke milieuvoordelen is voldoende voor dit type projecten.

Omvang steun

Ondernemingen die projecten doen die een significante bijdrage kunnen leveren tot duurzame technologische ontwikkeling kunnen genieten van een DTO-subsidietoeslag:

  • O&O bedrijfsprojecten: subsidietoeslag van 10%, daarenboven genieten deze projecten van prioriteitsstelling t.a.v. het beschikbare budget, op voorwaarde dat ze kwalitatief ‘voldoende’ scoren. Deze subsidietoeslag is niet combineerbaar met LuRu, automobiel of projecten in samenwerking met een onderzoeksinstelling, maar wel met de toeslag voor kmo’s;
  • Kmo-haalbaarheidsstudies: het steunplafond verhoogt tot maximaal € 35.000;
  • Kmo-innovatieproject: het steunplafond verhoogt tot maximaal € 250.000.

DTO-studie-activiteiten kunnen aan een basissteun van 50% gesteund worden. DTO-studie-activiteiten worden gedefinieerd als onderbouwende studies m.b.t. de 7 weerhouden doelstellingen, waardoor de milieu-impact van een technologische innovatie a priori kan ingeschat worden (voorbeelden hiervan zijn levenscyclus analyse (LCA)-studies.) DTO-studie-activiteiten kunnen maximaal 10% van de totale begroting uitmaken voor O&O bedrijfsprojecten en kmo-innovatieprojecten. In kmo-haalbaarheidsstudies kunnen deze activiteiten tot 50% van de begroting uitmaken.

Aanvraagprocedure

Het indienen van DTO-projecten gebeurt met de handleiding die u kan terugvinden op de site van IWT-Vlaanderen.

Contact informatie

Meer informatie kan u terugvinden via  www.iwt.be/subsidies/extrasteun/dto

IWT-Vlaanderen
Koning AlbertII-laan
35 bus 16
1030
Brussel
T
02 432 42 00
F
02 432 43 99
info@iwt.be
Kathleen
Goris
dto@iwt.be
T
02 432 42 82