U bent hier

Het besluit energieplanning voor energie-intensieve bedrijven.

Afdrukken

Waarover gaat het?

Bedrijven met een groot energieverbruik worden van overheidswege verplicht maatregelen te nemen om rationeel om te gaan met energie en dit te rapporteren aan de Vlaamse overheid. Bijkomend element is de beheersing van de CO2-emissie die bij de energieopwekking ontstaat.

Voor wie van toepassing?

Bedrijven die onder de definitie van een ingedeelde energie-intensieve inrichting vallen, dienen zich te houden aan het besluit energieplanning. Het betreft hier de bedrijven die opgenomen zijn in de VLAREM I indelingslijst en die een jaarlijks primair energieverbruik hebben van tenminste 0,1 petajoule (PJ). Volgens het Besluit inzake verhandelbare emissierechten voor broeikasgassen zijn met ingang van 28 februari 2005 ook BroeiKasGas-inrichtingen met CO2-emissies onderhevig aan de verplichte energieplanning.

Wat moet ik doen?

Bij de milieuvergunningsaanvraag toevoegen:

  • Een energiestudie, ingeval van:
    • een aanvraag voor een nieuwe inrichting met een totaal energieverbruik van minstens 0,1 PJ;
    • een vraag tot verandering van een bestaande inrichting met een totaal jaarlijks energieverbruik van minstens 0,1 PJ voor zover de verandering een primair meerverbruik van tenminste 10 TJ/jaar met zich meebrengt;
    • een nieuwe BKG-inrichting of een verandering aan een BKG-inrichting.

In de energiestudie moet aangetoond worden dat de in bedrijf te stellen inrichting de meest energie-efficiënte inrichting is die economisch haalbaar is, of m.a.w. dat de Best Beschikbare Technieken (BBT) geïmplementeerd worden.

  • Een energieplan, ingeval van:
    • de vernieuwing (hervergunning) van een bestaande inrichting met een jaarlijks energieverbruik van ten minste 0,1 PJ;
    • een bestaande inrichting met een totaal jaarlijks primair energieverbruik van ten minste 0,5 PJ;
    • een inrichting die ingedeeld is als BKG-inrichting op basis van haar CO2-emissies afkomstig uit verbrandingsinstallaties voor ruimteverwarming en met een totaal thermisch ingangsvermogen van meer dan 20MW (alle installaties met een thermisch ingangsvermogen vanaf 3MW moeten meegerekend worden);
    • een inrichting die ingedeeld is als BKG-inrichting op basis van haar CO2-emissies en die tot de aardgastransportsector behoort.

Een energieplan bevat een lijst met maatregelen die het specifiek energiegebruik in de inrichting kunnen verminderen.

Meer informatie?

Uitgebreide informatie in ons Infoblad Energieplanning.

Op de website van het Vlaams Energieagentschap (VEA) kan u terecht voor meer details zoals standaardformulieren voor energiestudie en energieplan, lijsten met energiedeskundigen en juridische achtergrond:  http://www.energiesparen.be/energieplanning

Extra Informatie